deredactie.be - ANALYSE

Bericht van het front in Libië

21 / 04 / 2011

De Internationale Organisatie voor Migratie evacueert duizenden gastarbeiders uit de belegerde stad Misrata. Ook enkele gewonden en Libische families met kleine kinderen bereiken Benghazi, na dertig uren varen. Een man draagt zijn driejarige dochter op de arm. ‘Het is net Hiroshima’ zegt hij, ‘er vallen overal willekeurig granaten neer’.

Collega’s die al en week ter plaatse zijn, maken de vergelijking met Stalingrad en Sarejevo.

Azdabje

In het Oosten is de stad Azdabje al twee weken een spookstad. Haar 170.000 inwoners zijn allemaal gevlucht nadat ook hier, eerst aan de rand van de stad en dan in het centrum, raketten en granaten insloegen. Geregeld geraken enkele eenheden van Khaddafi tot aan de poorten van de stad, voor ze door de NAVO weer worden teruggeslagen.

Enkel het hospitaal blijft bemand. Er klinken al heel de morgen luide granaatinslagen rondom, kleine groepjes rebellen sluipen langs de muren en zoeken het vuurgevecht op met schutters van Khaddafi, een kilometer verder. Ze kruipen voorbij twee verhakkelde Pickup trucks van het regime als twee granaten ons om de oren suizen. Twee luide knallen honderd meter van het hospitaal, een stukje shrapnel vernielt de ruit van onze Mercedes Vito.

Hier begint het front, dat een vijftig kilometer brede strook woestijn is, waar beide legers om beurten wat over en weer schuiven en elkaars posities infiltreren.

De strenge hoofdchirurg dokter Suleiman maakt zich kwaad om zoveel menselijk lijden. Hij was al eens in Brussel, voor een bijscholing in het Sint-Pieterziekenhuis. Hij hoort hoe de rebellen geweigerd hebben eerst te schieten, en daardoor zelf onder vuur zijn genomen door troepen van Khaddafi. Hij gesticuleert heftig en roept dat ze er zonder pardon tegenaan moeten gaan. Hij zegt ons hoe de Khaddafi-getrouwen zich verschansen achter burgers, en met vochtige ogen staart hij voor zich uit en vraagt zich af hoe dit allemaal kan stoppen.

De westelijke poort

Vorige donderdag. Zoals elke dag sijpelen tientallen voertuigen na het late ontbijt beetje bij beetje naar de Westelijke Poort van Azdabje. Hier begint de mooi geasfalteerde snelweg langs de kust, doorheen vierhonderd kilometer woestijn, naar Sirte, het bolwerk van Khaddafi.

De witte Toyota Hilux Pickuptruck, beschilderd met rode vlammen, en met een groot machinegeweer of Katjoesha raketlanceerder op gemonteerd, wordt door beide partijen gebruikt. Vandaag verzamelen een honderdtal voertuigen, met vijfhonderd strijders. Het zijn er elke dag een beetje meer. Khaled, een jongeman die zich zakenman noemt, zegt dat hij de organisator is van deze bende. Hij erkent dat ze nog alles moeten leren.

Er lopen ook wat officieren rond, steevast zonder kentekens op hun uniform, maar ze beweren kolonel te zijn, luitenant-kolonel of zelfs generaal van het vroegere leger van diensplichtigen. Enkelen bespreken gehurkt wat ze vandaag gaan doen, kaarten hebben ze niet, ze kerven een summier plan uit in het zand.

‘Hier is geen bevelhebber’, zegt Khaled ‘we luisteren wel naar de ouderen onder ons en als hetgeen ze zeggen ons logisch en zinvol lijkt, dan scharen we ons daar achter’. ‘Binnen een week tot tien dagen staan we voor de poorten het kamp Bab El Azizya in Tripoli, het hoofdkwartier van Khaddafi’ klinkt het dan overtuigd.

In een hoekje worden twee splinternieuwe radio’s uit de doos gehaald. Het gaat om gesofisticeerde communicatieapparatuur met grote antennes, voor communicatie met de NAVO.

Een ander groepje ontdoet een nieuw Milan-antitankwapen van zijn verpakking. De Britten en de Fransen sturen nu ook militaire adviseurs naar Benghazi, en ik had al van een diplomaat bevestiging gekregen van de aanwezigheid van Westerse verbindingsofficieren op het terrein, om te coördineren met de NAVO.

Elke dag weer trekt deze groep dan onder het luide roepen van ‘Allahu Akbar’ ten strijde, tot de onzichtbare troepen van Khaddafi ergens op de 50 kilometer lange kustweg wat raketten en obussen neerploffen voor de aanstormende colonne, waarop deze dan in grote paniek rechtsomkeer maakt en in het wilde weg terug vuurt, en soms ook de eigen rangen onder vuur neemt.

Steevast volgt dan ook luid geruzie over de verder te volgen strategie.

Het rebellenleger

In de voormalige kazerne van de 7de oktober op de invalsweg naar Benghazi, nu omgedoopt tot de kazerne van de 17de februari, laat Begou ons de opleiding zien van dit nieuwbakken leger.

Begou is een charmante, bruingebakken en kaalgeschoren piloot van Emirates die zijn vliegtuig hier in februari aan de grond liet om de rebellie te vervoegen. Hij zette de persdienst van het rebellenleger op poten.

Rebellen in spe krijgen hier nu een opleiding van tien dagen voor ze naar het front mogen. De twintigjarige student Tajeera zegt dat hij hier niet is om te leren vechten, wel om te leren zich verdedigen om niet gedood te worden.

Heel wat enthousiaste jongeren worden weer naar huis gestuurd omdat ze te jong zijn. Even verder huizen enkele generaals. Generaal Abdelfattah Younis werpt zich op als de opperbevelhebber van het rebellenleger, maar anderen vechten dit aan. Hij stond te dicht bij Khaddafi. Het maakt misschien ook niet veel uit, want voorlopig wijst niets erop dat de generaals in Benghazi ook maar enige invloed hebben op het allegaartje aan het front.

Een honderdtal militairen van het vroegere regeringsleger heeft zich ook naar het front begeven. Volgens mijn diplomatieke bron zijn het eerder individuen, en geen samenhangende eenheden.

Enkelen bemannen een batterij Grad-lanceerders op grote vrachtwagens. Anderen de T52 tanks - twintig volgens de generaal - die vanonder de mottenballen zijn gehaald of buitgemaakt op de troepen van Khaddafi. Ik zie hoe ze op opleggers worden gereden en naar het front vervoerd.

Van bij hun aankomst worden ze meteen onder vuur genomen en vernield door de NAVO, die beweert niet op de hoogte te zijn geweest. Generaal Younis ontkent dit, en vraagt dat de NAVO ook gevechtshelikopters stuurt.

Ook woordvoerdster Iman Bougaighis van de Overgangsraad verwacht meer heil van gevechtshelikopters om sluipschutters en kleine mobiele infanterie van Khadaffi uit te schakelen. De beloofde Amerikaanse A10 Warthogs-vliegtuigen zijn wellicht niet in staat zo’n opdracht uit te voeren in een stad zoals Misrata.

De 32ste brigade

Een maand geleden is slag geleverd om de stad Al Zawiya. We slaagden erin de stad binnen te rijden net na de laatste gevechten. Schoonmaakploegen in oranje fluovesten waren druk bezig de straten schoon te vegen. Een tiental tanks en pantservoertuigen lagen uitgebrand op het centrale Martelarenplein. Granaten hadden tientallen grote gaten geslagen.

Nieuw uitziende tanks stonden opgesteld rondom de stad terwijl zandkleurige Pick-up trucks met vervaarlijk uitziende soldaten met zwarte en groene bandera’s patrouilleerden in de straten met geweren in de aanslag. Er was niemand op straat, alle ramen waren dicht, alle rolluiken neergelaten. Zawiyah, een spookstad weer in handen van Khaddafi.

We ontmoetten er kapitein Taher en later kapitein Assam van de 32ste brigade van het Libische leger.
De gevreesde 32ste brigade van zoon Khamis van de Grote Leider lijkt te zorgen voor het grof geschut langs regeringszijde. Het zijn goed uitgeruste, goed getrainde en betaalde soldaten. De brigade is gekazerneerd op de weg van Tripoli naar Al Zawiya.

In het Oosten toont Idris, een bebaarde veertiger - net de tweelingbroer van Osama Ben laden - me drie FN P90 pistolen, die er zijn buitgemaakt op de troepen van Khaddafi. De befaamde pistolen die, met de juiste munitie, kogelvrije vesten kunnen penetreren dragen een gekerfd logo van de 32ste brigade.

De Khamis brigade is dus ook in de buurt van Benghazi aan het werk geweest. Naast deze elite-eenheid, bestaat het Libische regeringsleger voor de helft uit dienstplichtigen, die worden opgeroepen voor zes maanden opleiding (vroeger 18 maanden). Velen zeggen dat ze tijdens die periode amper een vuurwapen te zien krijgen. Dit reguliere leger doet ook helemaal niet mee in het conflict.

Daarnaast heb je de paramilitaire volksmilitie, de meest Khaddafi getrouwen. Zij rijden rond in de vermaledijde witte Pick-up trucks en bemannen veel checkpoints in het hele land. Het is niet duidelijk van wie zij orders krijgen, vaak dragen ze ook geen uniform.

In Benghazi laat iedereen op zijn gsm beelden zien, overgenomen van de gsm van een gedode regeringssoldaat. Het zijn beelden van een lange colonne van voornamelijk Afrikaanse soldaten, de huurlingen waarvan al langer sprake. Het zijn Afrikanen uit Chad, of Algerije of Libiers met de dubbele nationaliteit wiens ouders naar de buurlanden vluchtten voor de Italiaanse bezetter.

De patstelling

De militaire situatie op de grond lijkt al enkele weken in een patstelling te zijn verzand. De NAVO houdt het grofste geschut van Khaddafi in bedwang, de rebellen zijn niet in staat enige vooruitgang te boeken.

Zolang de impasse voortduurt, staat geen van beide partijen onder druk om iets toe te geven in onderhandelingen. De Overgangsraad blijft bij haar eis om het voorafgaandelijk vertrek van Khaddafi en zijn familie, maar die behoudt wel de controle over het Westen van het land en de hoofdstad.

Khaddafi lijkt met het belegeren en willekeurig beschieten van steden onder controle van rebellen de burgerbevolking te willen terroriseren. Misschien hoopt hij dat de balorige bevolking daardoor deze steden massaal uitvlucht, zoals in de steden Al Zawiyah en Ajdabje.

Toch lijkt het einde van het regime onvermijdelijk. De Westerse bombardementen tegen Joegoslavië, Irak en Afghanistan hebben allen uiteindelijk geleid tot ‘regime change’.

Met het sturen van militaire adviseurs en instructeurs lijkt de NAVO aan te sturen op een grondoffensief van rebellen, net zoals in Afghanistan. Maar daar was de Noordelijke Alliantie al twintig jaar lang gehard in de strijd.

Het is maar de vraag of dat scenario hier zal lukken. In het andere geval zal de Overgangsraad wel moeten denken aan onderhandelingen, zonder dat Khaddafi zijn post verlaat.

Eric Fux is journalist-cameraman en volgt de opstand in Libië.
Bekijk hier zijn beelden van het Libische front

@Allen: reageren op dit bericht impliceert dat u instemt met de regels voor deelname aan onze discussieforums, lees ze dus - mod

1 Antwoord op “Bericht van het front in Libië”

  1. Igor Françiscus Maria De Rycke Zegt:

    Het is toch hallucinant dat er daar heden al die conflicten zijn; terwijl we in de voormalige USSR nucleaire tijdbommen hebben: twee keer -de wapens en de reactoren en terwijl het zomer was tijdens de paasvakantie; ik bedoel maar: men zou eens mogen stoppen met wapens maken en men zou maar eens mogen beginnen met het herverdelen van rijkdom want hoeveel is duizend kilo goud waard wanneer je een slok water nodig hebt in de woestijn?

Plaats een antwoord op het bericht